De wet op de voorlopige hechtenis of een poging tot antwoord op de herhaalde kritiek dat door de politie opgepakte criminelen enkele tijd later opnieuw vrij los lopen….
Vooreerst moet een onderscheid gemaakt worden tussen de arrestatie en het bevel tot aanhouding.
1. De arrestatie is de vrijheidsberoving van een persoon, die bvb op heterdaad betrapt wordt bij een diefstal, als gevolg van de beslissing van de procureur des Konings of zijn medewerkers. De arrestatie mag maximaal 24 uren duren.
Na die 24 uren moet die persoon ofwel in vrijheid worden gesteld ofwel kan er een bevel tot aanhouding afgeleverd worden door de onderzoeksrechter.
Dit betekent concreet dat de vrijheidsberoving dan verder loopt.
2. De onderzoeksrechter kan echter slechts een aanhoudingsmandaat afleveren als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden.
2.1. Het kan enkel bij misdaden of wanbedrijven en dus niet bij overtredingen.
De misdrijven, dit zijn de inbreuken op de strafwetten, zijn volgens het criterium van zwaarte ingedeeld in overtredingen, wanbedrijven en misdaden.Een voorbeeld van een overtreding is als u te snel rijdt en geflitst wordt.Een voorbeeld van wanbedrijf is gewone diefstal (in tegenstelling tot diefstal met braak, diefstal met geweld...)
Een voorbeeld van misdaad is moord, doodslag ...
2.2. Een bevel tot aanhouding mag niet gebruikt worden als dwangmiddel of beschouwd worden als begin van straf.
De voorlopige hechtenis kan, gelet op het vermoeden van onschuld, nooit vooruitlopen op de uitvoering van de straf.
2.3. Het misdrijf waarvoor men een aanhoudingsmandaat moet een straf van één jaar of meer tot gevolg kunnen hebben
2.4. Er moeten ernstige aanwijzingen van schuld zijn
2.5. Het aanhoudingsmandaat mag slechts afgeleverd worden als dit volstrekt noodzakelijk is voor de openbare orde
Dit betekent dat de voorlopige hechtenis enkel mag gebruikt worden indien voor de betrokken persoon geen minder dwingende maatregelen kunnen aangewend worden dan aanhouding. Daarom moet er gemotiveerd worden waarom men het aanhoudingsmandaat aflevert:
- Bij misdrijven waarop een straf staat van minder dan 15 jaar is er een limitatieve omschrijving van de gronden die de voorlopige hechtenis mogelijk maken.
Er moeten ernstige redenen bestaan (geen cumulatie van redenen nodig)- dat de persoon nieuwe misdrijven zou plegen
- dat de persoon zich zou onttrekken aan het optreden van het gerecht
- dat de persoon zou pogen bewijzen te laten verdwijnen of zich zou verstaan met derden ( lees : zijn medeplichtigen zou informeren)
- Bij misdrijven waarop een straf staat van meer dan 15 jaar volstaat het met te verwijzen naar ernst der feiten en/of naar de maatschappelijke onrust.
Men is hier dus niet limitatief gebonden aan de hierboven vermelde 3 voorwaarden.
Men kan dus stellen dat een aanhoudingsmandaat niet zomaar kan afgeleverd worden.
3. Wat echter hier geaccentueerd dient te worden is, als er lastens een persoon die een misdrijf pleegt geen aanhoudingsmandaat wordt afgeleverd, hetzij omdat de procureur er geen vraagt of kan vragen, hetzij omdat de procureur het wel vraagt aan de onderzoeksrechter doch deze daar niet op in gaat, de zaak daarbij niet afgelopen is.
Het onderzoek wordt verder gezet hetzij door de procureur, hetzij door de onderzoeksrechter, en de verdachte zal, als het onderzoek beëindigd wordt, gedagvaard worden voor de rechtbank die dan, zo de bewijzen geleverd worden, hem of haar zal veroordelen.
Kortrijk, 12.2.2009.
Frits Verhaeghe
procureur des Konings te Kortrijk.
